De toets is te moeilijk.

De cesuur moet aangepast worden.

Nee joh, de toets moet aangepast worden.

Onlangs was ik weer getuige van deze discussie.

Maar wat is het nou? Pas je de cesuur aan of is de toets te moeilijk en moet je de toets aanpassen?

Voor de duidelijkheid: zoveel deskundigen zoveel meningen 🤔.

Een eenvoudig eenduidig antwoord is helaas niet mogelijk.

Mijn standpunt is altijd dat je naar het geheel moet kijken. De cesuur is slechts één knop  aan te draaien.

Schets casus cesuur of slechte vragen

Je hebt een toets die je eigenlijk al jaren in dezelfde vorm af neemt. 70 meerkeuzevragen met drie alternatieven worden gesteld. In totaal kun je 100 punten krijgen. Sommige vragen leveren 5 punten op. De cesuur is ooit vastgesteld op 70%. Het slagingspercentage is 35%.

Dat baart je zorgen. Het is niet de bedoeling dat zoveel van je studenten zakken.

Hoe kan dat?

En wat kan je er aan doen?

Stel nu dat je weet dat je goede studenten hebt.

Ze hebben in de klas allemaal hun best gedaan en je verwacht dan ook dat zeker 75% zou moeten slagen. Dan is het wel een domper als daarvan slechts de helft slaagt.

Volg het stappenplan
  1. Check je vragen. Zitten er fouten in je vragen? Is een verkeerde sleutel meegegeven (onterecht wordt een goed antwoord fout gerekend en omgekeerd)? Doe een vraaganalyse.
  2. Check je vragen inhoudelijk, zijn ze goed gesteld? Voldoen ze aan de toetstechnische richtlijnen? Kijk ook naar leerdoelen, toetsmatrijs etc.
  3. Als je dat allemaal gedaan hebt kun je vaststellen dat alles in orde is. Zo niet dan weet je wat je te doen staat 😜.
  4. Check de cesuur, klopt deze nog steeds? Op grond waarvan is de cesuur ooit vastgesteld op 70%? Het is belangrijk dat je dat kan onderbouwen.
Cesuur

De onderbouwing van de cesuur is belangrijk. Wanneer een medewerker bij het spoor de wissels tijdens onderhoud niet goed bedient kan dat tot problemen leiden. De veiligheid heeft daar een score van 100% nodig. Fouten maken mag niet. In dat geval kan de cesuur 100% zijn.

Meestal mag je wel een paar fouten maken. Daarvoor kennen we dan ook diverse berekeningen, zie ook cesuur en raadkans.

In het geval van onze casus is de berekening als volgt:

Raadkans 100/3 =33 + beheersingsgraad 50% (dit is een stelpost, kan
ook 55% zijn)* (100-33)= 33+33= 66 punten van de 100, dat is dus een cesuur van 66%

Dat wijkt enigszins af van 70% maar een heel groot verschil lijkt het niet.

Wel is opvallend dat deze toets vragen heeft van 1 punt en vragen van 5 punten. Daarmee kun je binnen de toets compenseren. Want hoe meer vragen van 5 punten je goed hebt hoe beter. Maar ook omgekeerd wanneer je een vraag van 5 punten niet goed hebt moet je vijf gewone vragen goed hebben om te compenseren.

Wat is het doel van die vragen met 5 punten?

Stel dat dat vragen over veiligheid zijn. In mijn ogen is het dan beter om of een los onderdeel van het examen over veiligheid te maken, een deel examen met een cesuur van 80, 90 of 100%. En stop de andere één-puntsvragen in een tweede deeltoets met een andere cesuur.

Je kunt ook meer vragen over veiligheid stellen. Deze vragen krijgen gewoon één punt. Dan past alles in één toets maar geef je meer gewicht aan veiligheid door meer vragen over dat onderwerp te te stellen.

Te moeilijk

Kan een toets niet gewoon te moeilijk zijn? Dat de cesuur dus te hoog is?

Ja natuurlijk, dat kan ook. Maar wanneer je de toets, de vragen en de cesuur met voldoende zorg gemaakt hebt is de kans daarop niet zo groot. Toch zie je soms dat de examencommissie zich vergist en dan wordt de cesuur bijgesteld.

 

PS Voor de toetstechnische richtlijnen heeft Harry Molkenboer een prachtige toolkit ontwikkeld. Op zijn website kun je de toolkit bestellen (vanaf 20 november). Hieronder een korte uitleg: